Pruim

Prunus domestica winterhard meerjarig fruit boom

Pruimenboom

De pruim is een boomvrucht, of specifieker een aantal soorten steenvruchten van het geslacht Prunus, die voor consumptie gekweekt worden. In dezelfde familie zitten bijvoorbeeld ook perziken, kersen, vogelkersen. Pruimen (de vrucht) zijn te herkennen aan een ovale of ronde vorm met een groef aan één kant en een gladde pit.

Er zijn vele soorten pruimen. Daarvan doen vier soorten het goed in Nederland: Opal, Jubileum, (Reine) Victoria en Bleue de Belgique. De eerste drie hebben geen kruisbestuiving nodig ('zelfvertiel'), Bleue de Belgique heeft kruisbestuiving met een andere soort in de buurt nodig om vruchten te krijgen. Pruimen (vruchten) zijn er in allerlei kleuren: rood, paars-rood, rood-geel, geel en groen.

Pruimen met grotere vruchten zijn vaak direct geschikt voor consumptie. Kleinere soorten worden vaak verwerkt tot jam (moes) of jenever.

Verzorging

Vrijwel alle soorten pruim moeten gedund worden: het verwijderen van slechte/mindere vruchten om de rest groot te laten worden (denk aan het krenten bij druiven). Je kunt ervoor kiezen dat niet te doen, maar dan krijg je vrijwel altijd slechter fruit en soms zelfs oneetbaar fruit. Een zonnige standplaats gewenst.

Snoei: Direct na het planten of het eerstvolgende voorjaar. Hoofdtak met 3 zijtakken bepalen, concurrerende takken wegnemen. Zijtakken uitbinden: te steil -> afbuigen, te vlak -> omhoog binden. De zijtakken op gelijke hoogte inknippen. Inknippen op een naar buitengerichte knop. De hoofdtak altijd langer laten.

Locatie

De pruim staat 'achterin' bij Meidoornheg rechts naast de frambozen. De specifieke soort moet nog worden vastgesteld.

Buren

Goede buren: vergeet-mij-nietjes, Oost-Indische kers, Nieuwzeelandse spinazie, bieslook, sleutelbloem, knoflook (tegen zwarte bladluis), bonenkruid (tegen zwarte bonenluis), zwarte trosbes.

Bronnen

Planten